Moederen over het bedrijfsleven

[Verschenen op www.ouders.nl – september/oktober 1998]

Moederen, het valt niet mee. Sinds jaar en dag zijn wij voer voor psychologen! Ooit hadden schizofrenen en autisten hun ziekten te danken aan ons 'koele' moeders. Dit idee is inmiddels achterhaald, maar wij, moeders, krijgen in de behandelkamer van de therapeut nog steeds een weinig benijdenswaardige hoofdrol toebedeeld. Een psycholoog die zijn vak een beetje verstaat, weet dat wij moeders het ontluikende kinderzieltje reeds in de knop knakten. Zo simpel als wat, zo klaar als een klontje.

Tijden veranderen

Maar gelukkig, tijden veranderen. Moeders zitten tegenwoordig niet meer en masse full-time op hun kroost. Steeds meer moeders willen verder kijken dan Roodkapje en de boze wolf en zoeken werk. Een zegen, zou je denken, want dan richten die onhandige wezens tenminste niet meer zoveel schade aan ons dierbare nageslacht aan. Fout gedacht! Kinderen van werkende moeders groeien op voor galg en rad! En ze worden niet alleen crimineel, ze zijn dommer! Dat zeggen mensen die er verstand van hebben. Vorig jaar nog, in de BBC-documentaire met de veelzeggende titel Missing Mum? (alsof Dad er niet toe doet). Gelukkig worden beweringen van de ene wetenschapper vaak direct ontkend door onderzoeken van een ander. In reactie op genoemde documentaire zei een andere wetenschapper dat uit (zijn) onderzoek was gebleken dat crèche-kinderen uitkomen op een hoger IQ en veel minder vaak kennis maken met de politie.

Kruitvat

Als zij, wetenschappers, er al niet uitkomen, hoe moeten wij domme moeders het dan weten? De verwarring blijkt wanneer het onderwerp zich aandient op het Ouders Online Forum. Een kruitvat. De thuis-ouder spreekt spottend over het 'kwaliteits-uurtje' waar het 'gedumpte'-crèchekind het mee moet doen. De crèche-ouder spreekt neerbuigend over het onderontwikkelde thuis-kind dat straks weerloos de wereld instapt. Maar wat maakt het uit: of je als moeder nou thuis blijft of niet, je doet het in ieder geval verkeerd. Of niet?

Vrouwen aan de top

Ik zei al dat de tijden veranderen: vorig jaar stonden de bladen vol van triomfantelijke berichten over de opmars van het "typisch vrouwelijke" in het bedrijfsleven. Bedrijven met vrouwen aan de top zouden het beter doen dan bedrijven die het zonder hen moeten stellen. Het zijn die typisch vrouwelijke eigenschappen van de vrouw die het bedrijf opstuwt in de vaart der volkeren: 'intuïtie', fijnere 'communicatieve vaardigheden', 'financieel gevoel', 'verantwoordelijkheidsgevoel', ze staan meer open voor 'persoonlijke problemen', hechten meer waarde aan 'service en contact met klanten', en zo meer.

Hé?! Zijn dit niet diezelfde deugden die de vrouw ooit, toen men het rollen-cliché tussen mannen en vrouwen definieerde (daarvoor moet je overigens terug naar de 18de eeuw), zo geschikt maakte voor het moederschap? Ja moeders, het bedrijfsleven schreeuwt tegenwoordig om ons.

Vervelende eigenschap

Zo krijgen wij eindelijk erkenning uit onverwachte hoek, de werkende mannen. Zij hebben moeders ontdekt als fantastische wezens. Althans, zolang ze geen kinderen krijgen, want dat blijft hoe je het ook wendt of keert, thuis en in bedrijfsleven, een vervelende eigenschap.

Bernadette Hijstek
september/oktober 1998