Error message

Deprecated function: The each() function is deprecated. This message will be suppressed on further calls in book_prev() (line 775 of /var/www/clients/client25072/web36725/web/home/modules/book/book.module).

Ensceneren

Mathew Brady maakte niets verhullende foto’s van de Amerikaanse burgeroorlog. Hij fotografeerde stapels doden en gewonden in loopgraven aan het front. Via zijn foto’s kon het Amerikaanse publiek voor het eerst in de geschiedenis onverbloemd zien wat oorlog inhield. Brady hoopte dat het fototoestel “het oog van de geschiedenis worden”[1]. 'My greatest aim has been to advance the art (of photography) and to make it what I think I have, a great and truthful medium of history.' 

Maar al aan het einde van de negentiende eeuw ontwikkelde zich de tendens de fotografische voorstelling van de werkelijkheid zo overtuigend mogelijk te laten zijn. De fotograaf mocht die werkelijkheid best een handje helpen wanneer dat de geloofwaardigheid van de foto ten goede kwam. Alexander Gardner, collega fotograaf van Brady maakte aangrijpende foto's van de Amerikaanse burgeroorlog. Later bleken ze gedeeltelijk in scène te zijn gezet[2]. Ze bepaalden wel het beeld dat het Amerikaanse publiek voor altijd van de burgeroorlog zou hebben

White Man Runs HimHigh HawkWolfRed WingWolf Lies DownLitlle Wolf

Edward Curtis v.l.n.r. White Man Runs Him, een Absaroke (1909), High Hawk, The Teton Sioux (1908), Wolf, een Absaroke (1909), Red Wing, een Absaroke (1909), Wolf Lies Down, een Absaroke (1909), Little Wolf, een Cheyenne (1905)

Edward Curtis publiceerde tussen 1900 en 1930 twintig fotoboeken over de indianen van Noord-Amerika. Curtis was ervan overtuigd dat Indianen tot een uitstervend ras behoorden. Voor het nageslacht moest worden vastgelegd hoe de ‘echte’ Indianen er uit hadden gezien. Curtis fotografeerde de Indianen, zoals hij dacht dat zij geleefd hadden voordat ze in contact kwamen met de witte Amerikanen, waardoor hij een sterk geromantiseerd beeld van hen schiep. Die ‘echte’ Indiaan was in de ogen van Curtis een ongeletterde wilde, nog niet beïnvloed door contact met de blanke cultuur. Curtis liet Indianen tegen betaling poseren, gekleed in ‘traditionele’ kledij die voor een deel door hem werd verschaft. Hij maakte voor het dramatische effect gebruik van ‘soft-focus’ en retoucheerde moderne objecten op het negatief weg [3].

In 1935 werd in het kader van het New Dealprogramma van president Roosevelt de Farm Security Administration opgezet om de armoede op het platteland te bestrijden. De FSA besloot de ellende in agrarische gebieden in Amerika ook structureel te documenteren. Met de foto’s moesten Amerikanen overtuigd worden van de noodzaak tot ingrijpen en tot besteding van hun kostbare belastingcenten aan het revolutionaire New Deal-programma van Roosevelt. De Historische Sectie stond onder leiding van Roy Stryker. De foto’s die gemaakt werden, door fotografen als Walker Evans, Dorothy Lange en Jack Delano, kregen wereldwijde bekendheid door hun indringende verbeelding van de Depressie.

De foto Migrant Mother van Dorothea Lange groeide uit tot een ikoon van de crisisjaren op het Amerikaanse platteland.

Dorothea Lange, Migrant Mother, Nipomo, California (february 1936)

Uit onderzoek is gebleken dat de foto in zekere mate geregisseerd is. Er zijn zes negatieven van de scène. Op de eerste zit de hele familie in een tentje. Op de anderen is de vrouw, Florence Thompson, voor de tent komen te zitten met een paar kinderen en ten slotte poseert ze in een prachtige compositie die de uiteindelijke foto wereldberoemd maakte. Rond de foto ontstond een conflict tussen Lange en Stryker. Rechtsonder was een duim te zien waarmee de moeder haar kind ondersteunde. Stryker vond die duim niet mooi en liet hem wegretoucheren. Lange was des duivels omdat het volgens haar de compositie aantaste [4].

Dorothea Lange, Nipomo, Californië (maart 1936). Op de onderste foto is rechtsonder de duim nog wel te zien. Eén foto uit de serie ontbreekt

Lange en haar collega’s gingen zorgvuldig te werk bij hun verslaglegging van de Depressie. De fotografen van het Strykers fotoproject hadden de gewoonte van al hun ‘objecten’, veelal arme boeren, tientallen frontale foto’s te nemen, totdat ze het juiste beeld hadden verkregen; precies dat beeld dat hun eigen opvatting over armoe, licht, menselijke waardigheid, stofuitdrukking, uitbuiting en compositie bevestigde [5]. De foto’s van Walker Evans zijn bijzonder realistische, althans die indruk wekken ze. Maar ook Evans wachtte tot het zijn licht was om mensen, huizen en straten te laten zien. Hij bracht desnoods veranderingen aan in die werkelijkheid om een compositie te maken die beter aan zijn doel beantwoordde.

Walker Evans, Thuis bij Bud Fields en zijn familie (Hale County, Alabama, 1935)

Evans wist dat de objectiviteit van de camera een kwestie van gradaties was. Dat gold ook voor Magnum fotograaf Robert Capa. De beroemde foto die Capa in 1936, tijdens de Spaanse Burgeroorlog, maakte van een Republikeinse soldaat die in het harnas sterft, was zeer waarschijnlijk geënsceneerd. Zelf zei Capa in een interview met World Telegram dat hij de foto maakte toen hij samen met de soldaat was gestrand in een loopgraf. De soldaat probeerde terug te keren naar zijn eenheid, maar beschietingen door machinegeweren dwongen hem elke keer terug in de loopgraf. Zijn laatste poging werd hem fataal. 

Robert Capa, Death of a Loyalist Soldier (1936). Soldaat sneuvelt bij gevechten in de buurt van Cerro Muriano aan het front bij Cordoba

Capa zou de foto gemaakt hebben door zijn hand boven de loopgraf te houden. Jaren later begon men te twijfelen aan de authenticiteit van het vastgelegde moment. De foto van Capa was samen met een tweede foto afgedrukt in het tijdschrift Vu. Naar men dacht stond op beide foto’s dezelfde vallende soldaat. Bij nauwkeurige bestudering constateerde men dat de man op de ene foto een overall draagt en niet de broek met overhemd die de soldaat op de beroemde foto van Capa aan heeft. De achtergrond is wel hetzelfde, zelfs de wolken zijn nagenoeg hetzelfde. Maar als die tweede man op dezelfde plaats viel, waar is dan die eerste man gebleven? Philip Knightley (in zijn boek The first Casualty) en O’Dowd Gallagher uitten als eersten hun twijfel over de foto. Gallagher zou met Capa een kamer hebben gedeeld toen Capa de foto maakte. Volgens Callagher had Capa zich beklaagd over het gebrek aan actie tijdens de oorlog. Zo kon hij geen goeie foto’s maken. Capa zou vervolgens een officier hebben gevonden die hem wel een handje wilde helpen. Aan het einde van de dag keerde Capa glunderend terug met zijn foto [6]. Richard Whelan, biograaf van Capa, verwijst deze geruchten naar het rijk der fabelen. Hij kan zich niet voorstellen dat soldaten, die naar zijn mening zeer bijgelovig zijn, zouden meewerken aan het ensceneren van hun eigen dood. En als Capa uit was op falsificeren, zou het dan niet logischer zijn om een overwinningfoto in scène te zetten [7]?

Yevkeny Khaldei - Berlijn - 2 mei 1945

Yevkeny Khaldei, Berlijn (2 mei 1945)

Ook de beroemde foto van een sovjet-soldaat die een vlag uithangt op het dak van de Rijksdag op 2 mei 1945 werd zorgvuldig in scène gezet door fotograaf Yevgeny Khaldei. Hoe hij dat aanpakte, heeft hij meermalen met trots verhaald. Khaldei trok met het Russische leger mee richting Berlijn. Vlak voor de val van Berlijn vloog Khaldei terug naar Moskou en liet daar door een kleermaker, zijn oom Kisjitser, van tafellakens drie rode Sovjet-vlaggen maken. Terug in Berlijn gaf hij de eerste vlag aan soldaten op het vliegveld Tempelhof, de tweede aan jongens op de Brandenburgertor en de laatste gaf hij aan soldaat Aljosja Kovaljov op het dak van de Rijksdag. Dat werd uiteindelijk dé foto. Niet direct, want eerst moest Oekraïner Kovaljov van de foto worden verwijderd en vervangen door de Rus Jegorov en de Georgiër Kantarija. Daarna moesten horloges aan beide armen weggewerkt worden, want dat duidde op plunderactiviteiten en die pasten een held niet. De foto groeide vervolgens uit tot symbool van de overwinning op Hitlers Derde Rijk waarvan Berlijn ooit het stralend middelpunt was en waarvan op de foto slechts smeulende resten te zien zijn.

De foto vormt de tegenhanger van een al even symbolische foto die Joe Rosenthal op 23 februari 1945 maakte aan de andere kant van de wereld op het eiland Iwo Jima van Amerikaanse mariniers die de ‘Stars and Stripes’ oprichtten. Iwo Jima was het eerste grondgebied dat de Amerikanen op de Japanners veroverden. Het was een bloedige strijd waarbij eenderde van alle mariniers omkwam. De oorspronkelijke vlagoprichting vond ’s ochtends plaats en werd gefotografeerd door Lou Lowery. Joe Rosenthal van Associated Press bereikte pas in de middag de top van Mount Suribachi. Het ritueel werd daarop nog een keer herhaald.

Lou Lowery Iwo Jima 1945Joe Rosenthal - Flag raising

Links: Lou Lowery, Iwo Jima (23 februari 1945). Eerste vlagoprichting. Rechts: Joe Rosenthal, Iwo Jima (23 februari 1945). Tweede vlagoprichting

Joe Rosenthal -Iwo Jima - Het origineel

Joe Rosenthal, Iwo Jima (23 februari 1945). Tweede vlagoprichting. Het origineel.

Fotoredacteur Harold Evans vindt een zekere mate van regie door de fotograaf niet onethisch “if the picture is true to the spirit of the story and the reader is not deceived”[8]. Evans gaat daarin vrij ver. Fotografe Sally Soames zette een foto met Shimon Peres en zijn vier bodyguards, die op de cover van The Sunday Times verscheen, geheel in scène. Soanes en haar fotoredacteur maakten eerst een tekening van hetgeen ze wilden gaan zien en stapten daarmee naar Peres die er zijn medewerking aan gaf. Volgens Evans heeft de foto “symbolisch waarheid” in zich [9].

Noten
  1. Frits Baarda, Het Oog van de Oorlog (Amsterdam 1989) p. 27
  2. T. de Vries, ‘Geschiedschrijving en fotografie,Groniek 111 (1991) p. 7
  3. T. de Vries, ‘Geschiedschrijving en fotografie,Groniek 111 (1991) p. 9, 15
  4. Bas Roodnat, ‘Fotograferen en diep graven’, NRC, 27 november 1998
  5. Susan Sontag, Over fotografie (Baarn 1994; oorspr. dr. 1973) 12
  6. Frits Baarda, Het oog van de Oorlog. Fotografen aan het front (Amsterdam 1989) p. 49
  7. Lorraine Monk, Photographs that changed the World (New York 1989)
  8. Harold Evans, Pictures on a page (New York 1978; Londen 1997) p. 23
  9. Harold Evans, Pictures on a page (New York 1978; Londen 1997) p. 23
Meer lezen over Edward Curtis:
Meer lezen over de Farm Security Administration:
Meer lezen over Robert Capa, Death of a loyalist soldier:
Meer lezen over Yevgeny Khaldei:
Meer lezen over vlagoprichting op Iwo Jima: