III Gevecht in sneeuw en ijs
Voor de opname van haar eerste film met Arnold Fanck leerde Leni Riefenstahl bergbeklimmen en skiën. De opnames verliepen niet zonder ongemakken. Eerst brak ze tijdens het skiën haar voetbeentje, waardoor de opnames vier weken moesten worden uitgesteld en later explodeerde een van de filmlampen in haar gezicht waardoor een kant van haar gezicht verbrandde. De film werd een groot financieel succes. Leni Riefenstahl werd, alhoewel haar acteren volgens critici te wensen overliet, door het publiek op handen gedragen (16). Ze werd daarom ook voor de volgende films van Fanck gecontracteerd. In totaal maakte ze nog vier films met Arnold Fanck: Der Grosse Sprung (1927), Die Weisse Hölle vom Piz Palü (1929), Stürme über dem Montblanc (1930) en SOS-Eisberg (1932). Deze laatste film speelde niet in de bergen, maar op Groenland en kwam onder zeer moeilijke omstandigheden tot stand.
Die Weisse Hölle vom Piz Palü
|
Leni Riefenstahl in Die Weisse Hölle vom Piz Palü |
Toen SOS-Eisberg uitkwam had Leni Riefenstahl haar imago als het onschuldige meisje gevestigd. Ze stond voor idealisme, schoonheid, het pure leven van de eenvoudige bergbewoners die vreemd waren aan hebzucht en zonde (17). Tijdens de opnamen van deze films groeide haar interesse voor het maken van films. Ze wilde zowel technisch als artistiek alles leren van Arnold Fanck over het maken van films (18). In 1932 wist ze het plan om een eigen film te maken te realiseren. Ze geeft twee redenen voor het feit dat ze zelf de regie deed. In de eerste plaats wilde ze eens een andere rol spelen dan bij Arnold Fanck, waar de bergen altijd de hoofdrol speelden. In de tweede plaats was er geen geld voor een regisseur, zodat ze de regie zelf moest doen (19). Samen met de communistische toneelschrijver Béla Belázs schreef ze het script voor Das Blaue Licht (20). Béla Belázs was een van oorsprong Hongaarse toneelschrijver die voor de Tweede Wereldoorlog internationale bekendheid genoot. Hij was professor geweest in de filmesthetica in Moskou, Boudapest, Praag en Warchau. Béla Belázs, Carl Mayer, scriptschrijver van Das Cabinett des Dr. Caligari, Arnold Fanck en een groot deel van diens filmploeg hielpen Leni Riefenstahl bij het filmen.
Het script was gebaseerd op een legende uit de Dolomieten. Volgens de legende was er elke keer bij volle maan een stralend blauw licht te zien op de Monte Cristallo. Alleen Junta, een bergmeisje en verschoppelinge, gespeeld door Leni Riefenstahl, kan bij het mysterieuze blaue licht komen. Andere dorpelingen die bij het licht proberen te komen verongelukken. Op een dag komt er een vreemdeling, Vigo, in het dorp die verliefd wordt op Junta. Hij weet haar te volgen en hij ontdekt dat het blauwe licht afkomstig is van bergkristallen, die het volle maanlicht weerspiegelen. Hij vertelt de dorpelingen van de kristallen in de hoop dat Junta nu verlost zal worden van de vervolgingen door de dorpelingen, die Junta beschouwen als een heks. De dorpelingen, gedreven door hebzucht, roven de grot leeg, waarna Junta zich van de berg stort in de waan dat Vigo haar verraden heeft. Op 24 maart 1932 kwam Das Blaue Licht in de bioscopen. Alhoewel de film in Duitsland niet succesvol was, ontving Leni Riefenstahl op het filmfestival van Venetië een gouden medaille voor de film. De film had ook veel succes in Engeland, Frankrijk en later in de V.S.(21)
Die Weisse Hölle vom Piz Palü
Leni Riefenstahl in Die Weisse Hölle vom Piz Palü